Duurzaam handelen is een verantwoordelijkheid van ieder mens ten opzichte van de maatschappij waarin hij werkt en leeft. In het bouwproces kan dit op een aantal manieren ingevuld worden. Hierbij denken wij aan het selecteren van duurzame materialen, het vermijden van milieubelastende materialen zoals p.v.c. et cetera en energiezuinig ontwerpen. Ook verstaan wij onder duurzaam bouwen het toepassen van nieuwe technieken zoals bijvoorbeeld een grijswatercircuit en het niet uit de weg gaan van experimentele toepassingen.
Bij iedere opdracht waar wij als adviseur worden ingeschakeld, maken we de afweging of er redelijke
(financieel haalbare) milieuvriendelijke maatregelen door te voeren zijn. Dit is een principe dat iedere adviseur binnen Nelissen ingenieursbureau op grond van zijn maatschappelijke verantwoording nastreeft. Standaard gaan wij in onze advisering uit van onder andere duurzaam materiaalgebruik en goede isolatie. Hergebruik van aanwezige materialen, maar ook herbruikbaarheid en hernieuwbaarheid zijn hierbij belangrijke overwegingen. Onnodig milieubelastende materialen worden vermeden. Daarnaast inventariseren wij de exacte wensen van de gebruiker zodat maatwerk kan worden geleverd en geen onnodige materialen moeten worden gebruikt. De ervaring
leert dat hiermee al veel energie kan worden bespaard. Indien er door de opdrachtgever extra middelen beschikbaar worden gesteld, kunnen wij meer verdergaande oplossingen onderzoeken die een langere terugverdientijd hebben. Hiertoe zullen wij een aparte rapportage opstellen met per maatregel de voor- en nadelen en de terugverdientijden, waarbij rekening gehouden wordt met de totale exploitatiekosten. Eén en ander zal eventueel worden getoetst door middel van de GPR-methode.
In het Rijksmuseum voor Volkenkunde is o.a. een zorgvuldige afweging gemaakt van de te nemen isolatietechnische maatregelen. Uiteraard mocht er geen oppervlaktecondensatie optreden maar het isoleren aan de buitenzijde was vanzelfsprekend geen optie. Standaardoplossingen brachten te veel risico op inwendige condensatie met zich mee. Derhalve is er voor een technisch bijzondere isolatiemethode gekozen, alleen daar waar nodig aan de binnenzijde.
Ook naar de aanpassing van de ramen is veel onderzoek gedaan. Uiteindelijk is een systeem ontwikkeld waarbij de aspecten van zontoetreding, verduistering, oppervlaktetemperatuur, geluidisolatie, veiligheid, energiebesparing, onderhoud, behaaglijkheid en historische kwaliteit in een innovatieve totaaloplossing zijn samengevat.
Rijksmuseum voor Volkenkunde
OD 205
Rijksgebouwendienst Schiedam
Bouwfysica
Akoestiek & geluid